Kuifcaracara

Southern crested caracara
(Caracara plancus of Polyborus plancus)

Voorkomen: Van noordelijk Bolivia tot oostelijk Brazilië tot Tierra del Fuego en de Falklandeilanden.
Gewicht: 0,9 – 1,6Kg.
Spanwijdte: 1m20 – 1m32.
Voedsel: Zowel aas als levende prooi. Knaagdieren, jonge vogels en schildpadden, hagedissen, kikkers, eieren, wormen en insecten.

Veel van de tijd brengt de kuifcaracara door op de grond. De lange poten en platte klauwen maken het mogelijk dat hij goed kan lopen en rennen. Deze roofvogel scharrelt zelf naar voedsel of steelt het van andere vogels, bijvoorbeeld gieren, pelikanen en buizerds. Ook zwakkere soortgenoten worden beroofd. Met zijn poten draait de caracara bladeren of gedroogde uitwerpselen van grote dieren om, op zoek naar kleine diertjes om op te eten. ’s Nachts gaat deze roofvogel in ondiep water op zoek naar kikkers. In tegenstelling tot gieren, waar ze vaak mee optrekken, zweven kuifcaracara’s niet, maar hebben ze een directe vleugelslag. Hierdoor vinden caracara’s dode en aangereden dieren vaak eerder dan gieren, omdat die afhankelijk zijn van de thermiek.

Terug

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *